Na ministeriële instructie stikstof nu ook richtsnoeren ANB bekend

Terug naar het overzicht Na ministeriële instructie stikstof nu ook richtsnoeren ANB bekend

Datum: dinsdag 11 mei 2021

Auteur(s): Liliane Stakenborghs

Na de ministeriële instructie stikstof van 2 mei heeft nu ook het ANB de richtsnoeren bij de toepassing van het tussentijds kader voor ammoniakemissies bekendgemaakt.

 

De ministeriële instructie stelt dat in afwachting van een definitief kader in de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) voor ammoniakdeposities veroorzaakt door veehouderijen en mestverwerkingsinstallaties, steeds een individuele beoordeling dient te worden doorlopen, waarbij desgevallend een passende beoordeling moet worden gemaakt. Daarbij moet bij ieder vergunningsproject maximaal worden ingezet op ammoniakemissiereducties, minstens door de inzet van BBT-technieken, ammoniakemissiearme stalsystemen en maatregelen uit de PAS-lijst

 

In tegenstelling tot de NOx-emissies noteren we voor de ammoniakemissies op dit moment geen significant dalende trend. Bij de beoordeling van de effecten van de ammoniakemissies afkomstig van landbouw moet dan ook de grootste voorzichtigheid aan de dag gelegd worden.

 

Vandaar adviseert het ANB om een aantal principes te hanteren bij de beoordeling van vergunningsaanvragen.

 

Principes op een rij

 

Zo moeten bijkomende emissies ten opzichte van vergunde situaties maximaal vermeden worden.

 

Daarnaast moet bij elk vergunningsproject aangetoond worden dat de ammoniakdeposities zeker niet toenemen in een speciale beschermingszone.

 

Verder stelt het ANB dat bij ieder vergunningsproject maximaal moet ingezet worden op ammoniakemissiereducties ten opzichte van de vergunde toestand, waardoor ook een afname van deposities optreedt. Hoe groter de impactscore van een bestaande vergunde exploitatie, hoe hoger de nagestreefde emissiereductie. Het is sterk aan te raden voor bedrijven die een impactscore hebben van meer dan 0,1% een reductie van minimum 30% na te streven.

 

Beslissingen over projecten moeten garanties bevatten dat tegen 31 december 2030 alle oude stallen, die niet ammoniakarm zijn, vervangen zijn door ammoniakarme stallen. Daarbij moet de  ammoniakuitstoot met minstens 50% gereduceerd worden.

 

Nieuwe varkens- en pluimveestallen moeten ammoniakemissiearm zijn. Verder moet maximaal gestreefd worden naar bijkomende emmisiereducerende maatregelen in de staltechnieken die reducties tot 70% garanderen.

 

Voor nieuwe rundveestallen moet maximaal toepassing gemaakt worden van (bouw)technische maatregelen uit PAS-lijst om de nodige reducties te realiseren.

 

Ook vergunningsaanvragen voor de loutere verlenging van bestaande bedrijfsexploitaties zonder wijzigingen moeten aan bovenvermelde principes beantwoorden. Tenzij het gaat om een verlenging tot maximaal 31 december 2022 .

 

Bedrijven met een impact van meer dan 50% kunnen niet meer vergund worden.

 

Lees hier de Richtsnoeren bij instructie stikstof

 

Lees hier de Ministeriële instructie

 

Raadpleeg hier de PAS-lijst